Voluntary Travelling

Dreams are coming to an end, but they definitely came true

De impulsieve keuze om één dag langer in de bergen te blijven werkt een onvermijdelijk gevolg in de hand: een driedaagse reismarathon. Maar op de één of andere manier helpt dat niet om te wennen aan het idee dat het echt bijna over is. De ene dag ben je nog op het verst mogelijke punt van huis (zes uur lopen en vijf uur met de bus naar de dichtstbijzijnde redelijke stad) en drie dagen later heb je je vlucht vanuit een stad nog eens vijftien uur daarvandaan. Pas hier en nu, op het vliegveld van Kunming, met een ticket met de drie lettertjes AMS op mijn schoot begint het echte besef te komen, of ik kan er in ieder geval niet meer onderuit. Het is over, dit was het dan. Vijf maanden aan de andere kant van de wereld. Ik heb ze overleefd, sterker nog... ik heb ervan geleerd, ik heb ervan genoten en ik heb herrinneringen gemaakt die ik nooit, nooit meer ga vergeten.

Hoe zijn de afgelopen dagen verlopen? De grens opzoeken, maar niet erover, zei ik nog. Op de een of andere manier bleek dat toch niet helemaal op te gaan en kwamen de tweede keer in Felai Si de lichte hoogteziekteverschijnselen opeens toch nog opzetten. Na al die dagen op hoogte en super lekker te hebben kunnen lopen (nooit last gehad, tot mijn eigen verbazing nooit buiten adem geraakt) lijken de hoofdpijn, de extreme kou die ik ervaar en de coördinatieproblemen (leuk hè, met stokjes eten) echter toch echt wel die kant op te wijzen. Dan is het in ieder geval goed om te weten dat ik binnen een dag flink wat zal afdalen.

Ik begin zo vroeg mogelijk aan wat een lange reis zal zijn en rijd terug over de al bekende weg naar Shangri La, om over te stappen op een bus naar Lijiang. De hele route is in feite al bekend, behalve dat ik hem eerder in etappes heb afgelegd. Ook wel verstandig, want nu ben ik in totaal bijna elf uur onderweg. Wel een nieuwe gebeurtenis naast me op een gegeven moment in de bus. Zit die jongen nou op Google?! Overal ter wereld natuurlijk een meer dan normaal gezicht, maar in China is nou eenmaal alles anders. Google is alleen beschikbaar vanaf een buitenlands netwerk en dat buitenlandse netwerk valt alleen in het buitenland op je telefoon te installeren. Het feit dat jullie allemaal nauwelijks door hebben gehad dat ik in China was, dat ik gewoon kon appen en mailtjes kon beantwoorden, het is allemaal te danken aan de VPN. Neemt niet weg dat het gebruik ervan illegaal is en een boete van omgerekend tweeduizend euro kan opleveren. En daarom heb ik nog nooit een Chinees met een VPN-verbinding gezien, maar het gebeurt dus, gelukkig! Op naar een wijzer China!

Verdwaald onderweg naar mijn hostel, maar in een ander hostel bellen ze voor me en dan komt iemand me zowaar ophalen... Overigens blijkt nu wel dat ze in Lijiang weliswaar op het busstation Engels spreken, maar verder in de stad ook gewoon weer nergens. En waarom hoopte ik dat nog steeds? Acht miljoen toeristen per jaar. Ja, dat lezen jullie goed, acht! Ik kon het natuurlijk niet laten even door te reken en gemiddeld komt dat dus neer op ruim 22.000 bezoekers per dag... En ja, natuurlijk is het merendeel Chinees, maar dat betekent nog steeds een hoop buitenlanders. Overigens is er wel iemand die Engels spreekt, de eigenaar van het hostel, zo blijkt. Maar die kan beter zijn mond houden. "Oh yes, I saw your visa expires in three days!" No way... shut up, please... Eigenlijk is er verder niet heel veel te doen, wederom een prachtig oud stadje, goed streetfood en ruimte voor de echte allerlaatste souvenirs. Door het stadje lopen talloze kleine stroompjes, waardoor de hele stad verbonden is met kleine bruggetjes, wat dan wel weer totaal anders oogt dan bijvoorbeeld Dali. Van de toeristen merk ik weinig, maar het is dan ook 's avonds laat en... regen op komst!

Dat brengt de plannen voor de volgende dag behoorlijk in de war. Weer een door mijn moeder gestuurd plan. Als je toch in de buurt bent... Dertig jaar geleden bezocht zij in het kleine dorpje Baisha, twaalf kilometer van Lijiang, dokter Ho: een oud mannetje dat zich gespecialiseerd had in de kruidengeneeskunde. Een klein beetje research op het internet leert me dat de beste man nog steeds in leven is. 96 inmiddels, maar nog steeds trekt hij elk jaar naar de Jade Dragon Mountain om zijn kruiden te verzamelen. Daar moet ik heen! Maar de fiets gaat hem echt niet worden vandaag, mijn nieuw aangeschafte Chinese paraplu ten spijt. Verder uitzoeken, doorzoeken en tientallen minuten later vind ik uit welke bus ik kan nemen om er te komen en zo ga ik gewapend met de foto's van mijn moeder op weg. Het is maar goed dat Baisha nog steeds een schattig, typisch Naxi-dorpje is waar de tijd al die jaren lijkt te hebben stilgestaan, want ook al is het een mini-dorpje, het lukt me maar niet om het huis van dokter Ho te vinden. Na een kop dumplingsoep en een bezoekje aan een werkplaats voor Naxi-handvaardigheid besluit ik nog één laatste ronde te maken, want oh wat wil ik die man graag vinden. En ja hoor, bij deze vierde ultieme poging zie ik, verscholen achter de bomen en wat verder van de straat opeens een huis waar talloze billboards met krantenknipsels tegenaan staan. Dit kan niet anders, daar moet het zijn! Een gek gevoel welt in me op als ik even later de drempel over stap. Hier was mijn moeder dus ook, letterlijk op deze plek, alleen zoveel jaren terug. Vrijwel zodra ik binnenstap opent een zijdeur en stapt een man geheel in het wit gekleed naar buiten. "Sorry, I was selecting the herbs," verontschuldigd hij zich in nagenoeg perfect Engels. "No problem, that's the work that should be done here, isn't it?" Maar dat werk kan overduidelijk wel even wachten. Razendenthousiast begint hij alle Nederlandse visitekaartjes tegen de muur aan te wijzen en haalt hij talloze krantenartikelen tevoorschijn. Oh en kijk, "your queen was here" wijst hij op een briefje met de naam van Maxima erop. Daarnaast een vergelijkbaar briefje van Jan-Peter Balkenende, netjes met een adres erbij, gevolgd door 'het Torentje'. Wat een held. "And your old prime-minister." Nu ben ik wel benieuwd, ik dacht dat Balkenende al oud was. Even bladeren levert me een visitekaartje van Wim Kok op. Die man draagt dus echt nog steeds een visitekaartje bij zich met 'former prime-minister' erop. Is dat een beetje triest, of ligt dat echt aan mij?

Ik ben er intussen achter dat de man de zoon van dokter Ho is en terwijl ik alle krantenartikelen doorspit laat ik hem weten waarom ik helemaal alleen hier gekomen ben ("most Dutch people come in groups..."). Kon het enthousiasme nog groter worden? Blijkbaar. "Can you send me those pictures? What a great story. Such a great story." Blijft hij maar herhalen. Of ik het verhaal nog een keer wil vertellen, dan kan hij het opnemen en naar zijn vrienden sturen. Maar natuurlijk. Dan wijst hij naar de jongeman die naast dokter Ho ook op de foto's staat. "I was maybe 32 here. Now my hair is all grey." Verbijsterd kijk ik hem aan. "Is that you?" "Yes!" Ik kijk nog eens beter. Eigenlijk is het wel te zien ja, ik had het gewoon niet verwacht. Of ik een foto van hem mag maken voor mijn moeder. "My pleasure!" En trots gaat hij voor de volgeplakte wand van het nog veel volgestouwdere kamertje staan, dat echt niet groter is dan 25 vierkante meter. Er komen twee Chinezen binnen en ik hoor hem het hele verhaal in geuren en kleuren in het Chinees vertalen. Ondertussen ben ik gestuit op een uitzendingscontract van de Nederlandse televisie. 21 oktober 2005, was getekend: Chris Zegers. Nog maar weer een foto. Als ik ruim een uur later aangeef weer op te stappen drukt hij me op het hart over dertig jaar nog eens terug te komen, het liefst met mijn kinderen. "I'm 91 then, that's possible." Langer dan nodig drukt hij me de hand. "Bye! See you soon..." en ik merk dat hij me nakijkt tot ik uit het zicht ben verdwenen.

Van alles wat er de afgelopen maanden is voorgevallen is dit zeker één van de momenten die me heel lang bij gaat blijven. En misschien, het zou zo maar een kunnen, heb ik op deze laatste dag wel de meest bijzondere ervaring van deze hele reis te pakken. 'Never give up, no, never give up, no, no...'

Die avond gaat de reismarathon weer vrolijk verder. Treinstation Lijiang of hoe je het ook wil noemen. Een enorm gebouw, twee verdiepingen. "Train K8624 to Kunming is now ready for boarding, please proceed to ticket checkpoint number 2." Galmt regelmatig door de hal. Treinstation? Vliegveld? Ik ben er nog niet uit. Wel Engels dus. Al moet ik toegeven dat die verhouding 5:1 is. En dan wel eerst vijf keer in het Chinees en dan pas in het Engels. Want dat is logisch. Om half tien klinkt dan die van mij om vervolgens om 22.03 stipt te vertrekken en bijna 8 uur later (dan gaat het licht dus om half zes aan...) het welbekende Kunming train station binnen te rijden. Nacht drie met minder dan zes uur slaap, kom maar door met die vlucht vannacht! Eens zien of we moe naar uitgeput kunnen krijgen.

"If you want to say goodbye to China, go to Kunmings Park, you'll love it." Heb ik van meerdere kanten gehoord. Sinds ik geen idee heb wat ik moet doen en gedachten over de hele reis maar door mijn hoofd blijven spoken besluit ik dat dan maar te doen. En ik zie gelijk wat mensen bedoelen. Net als op dag één is de lucht een grijze waas waar de regen nog net niet uitvalt, net als op dag één klinkt uit alle hoeken andere muziek en de taichi, koren en dansen zijn nog veel grootser dan in Guilin. Elke tien meter staat een andere enorme groep en de muziek versmelt tot een mengelmoes. Ik kan er niks aan doen dat het me weer laat verstommen. Ik ga zitten en blijf zitten. Kijk, luister en bewonder het hoogtepunt van de Chinese cultuur om me heen. Pas als alle lessen zijn afgelopen sta ik op en loop ik rustig verder. Dat dit het dan moet zijn wil ik nog steeds niet geloven, maar vanaf nu is het goed. China zal nooit stoppen met me blijven verbazen, maar dat ik nu wegga betekent niet per se dat ik nooit meer terug kan komen. Nee voorlopig zeker niet, mijn dosis China is meer dan aangevuld, maar het verhaal van China is nog lang niet geschreven.

Dat ik hier op het vliegveld zit creëert voor het eerst een gevoel van trots. Natuurlijk zeiden mensen al veel eerder dat ik dat moest zijn, maar meestal lukt dat toch pas als het echt achter de rug is. Als je alles kunt overzien en weet dat alles goed is gekomen, dat je eruit hebt gehaald wat erin zat en dat er niks echt mis is gegaan. Op de Chinese security op vliegvelden na, die me nog eens grijze haren gaat bezorgen... Maar los daarvan, het gevoel van trots komt ook vooral omdat China altijd nog als laatste bestemming in de lucht hing en ik wist dat ik nog alles uit de kast moest halen om ook dat tot een goed einde te brengen. Ergens eerder (niet op dit blog, mocht je denken iets gemist te hebben) heb ik mijn maand in China eens vergeleken met het maken van een eindexamen. Weliswaar in het leukste vak dat er is, maar nog steeds... alles wat ik in de vier maanden voorafgaande aan dit deel van de reis heb geleerd en meegemaakt heb ik moeten inzetten voor dit laatste stuk. En overal heb ik wat geleerd. Zou ik het kort moeten zeggen (wat misschien wel eens leuk is voor dit blog) dan zou ik het als volgt zeggen. Sri Lanka is het land dat me vertrouwen heeft gegeven, zeker niet het makkelijkste land om doorheen te reizen, maar de hulp die me van alle kanten werd aangeboden, het plezier dat ik er had, de spectaculaire landschappen en de bijzondere ervaringen zoals de 5200 treden naar Adam's Peak hebben me het vertrouwen gegeven in mijn eigen kunnen, maar ook in het feit dat dit was wat ik echt wilde. Hoe lang je iets ook voorbereid, met hoeveel plezier je ergens ook naar uitkijkt, tot je eraan begint weet je niet waar je aan begint en dan is die eerste maand cruciaal. Laos heeft me geleerd te reizen. Hoe lang de weg ook is, hoeveel vertraging je ook hebt en wat er onderweg ook gebeurt, uiteindelijk kom je altijd op de plek van je bestemming. Maar nog veel belangrijker: een reisdag is geen verloren dag. Als Laos iets heeft bewezen is het dat reizen iets bijdraagt aan de reis. Twaalfurige busritten of langer zijn ook de ritten die je dus vervoeren door gebieden die door toeristen niet als enig point of interest worden gezien, waar het leven onbedorven is door buitenlandse invloeden en je een inkijkje krijgt in hoe mensen hun dagen doorbrengen in de kleinste dorpjes in de meest ongerepte gebieden van een land in ontwikkeling. Busreizen zijn dé kans om je ogen uit te kijken, te zien, te leren en een land echt tot in de verste uithoeken te leren kennen. Cambodja heeft me vervolgens ook geen onbelangrijke skill bijgebracht. Afdingen! Waar Laos een te vriendelijk land is voor scherpe onderhandelingen en ik het op Sri Lanka nog liever uit de weg ging, kom je er in Cambodja niet onderuit. Maar het belangrijkste is: doe het met een grap en een lach op je gezicht, doe het omdat het hoort en niet per se omdat je de laagste prijs wil hebben. Zo vaak heb ik van mensen om me heen gehoord dat de Khmer zo'n chagrijnig volk zijn, maar ik herken dat totaal niet uit mijn ervaringen in Cambodja. De Khmer zijn mensen die na tientallen moeilijke jaren proberen een nieuw leven op te bouwen en dat graag zo snel mogelijk en zo goed mogelijk willen doen. Hardwerkende mensen die jou nodig hebben, maar ook trots zijn op hun land. Als je laat zien dat je dat begrijpt dan zijn de Khmer, mede door hun goede Engels, de bevolkingsgroep van deze reis die het meest tot me hebben kunnen doordringen en me het meest hebben kunnen leren over hun land. Dan staat er nog één discussiepunt open. Want nee, een eindexamen is geen doel op zich, een eindexamen is een middel om een volgend doel te bereiken. Het leren is in China nooit gestopt. China heeft me volwassen gemaakt, het heeft me laten inzien dat de afgelopen vier zo soepel verlopen maanden geen toeval of puur geluk waren, maar dat ik heb gewerkt voor het resultaat dat het heeft opgeleverd. Dat ik ben gegroeid. En misschien ben ik daarom wel zo trots. Nooit is het dieptepunt lager geweest dan tijdens de eerste dagen in dit land, maar binnen een paar dagen was de knop om en heb ik de mooiste dingen kunnen zien, de liefste mensen ontmoet en heb ik al mijn lieve vrienden thuis nog eens extra leren waarderen. Jullie weten wie jullie zijn en al jullie regelmatige berichtjes over deze vijf maanden, hoe het met me ging, wat me bezig hield of gewoon het delen van iets dat jullie meemaakten en even aan mij deed denken: jullie zijn mede een rede dat mijn terugkeer straks me behalve een raar gevoel geen naar gevoel oplevert.

Daarnaast heb ik aan één van jullie een mooie gedachte te danken die me er regelmatig doorheen heeft gesleept. "If you ain't afraid of your dreams, they're just not big enough," werd me toevertrouwd op een van de moeilijkere momenten. Zo vaak blijven mensen hangen bij het feit dat angsten je niet verder zouden brengen. Ik ben het daar niet mee eens. Het is de natuurlijke neiging van mensen om hun angsten te vermijden die voorkomt dat je verder komt. Ga je je angsten tegemoet, werk je eraan, dan brengen je angsten je verder dan je anders ooit had kunnen komen. Ja, ik ben bang geweest voor deze maand in China. Voor de communicatie met het thuisfront, voor de lange afstanden die afgelegd moesten worden, het ontbreken van hostels, het altijd ongewisse eten, de onduidelijkheid van meerdere busstations per stad, de nog grotere onduidelijkheid van dorpjes die niet op de kaart zijn terug te vinden. Natuurlijk weet ik dat ik het mezelf makkelijker had kunnen maken. Elke keer weer als ik mensen mijn doel voor China vertelde werd er wat grinnikend gereageerd. "Visiting China and skipping the cities? Maybe you chose the wrong country." "Good luck!" Maar zoals dan voor mij geldt: hoe meer mensen zeggen dat iets niet mogelijk zal zijn, hoe meer ik wil bewijzen dat alles mogelijk is. En met van de vier weken slechts twee nachten in een echte grote stad denk ik dat ik redelijk geslaagd ben. Een andere angst betrof natuurlijk de communicatie, maar als de Chinezen me één ding hebben geleerd is het dat het niet zo zeer gaat om de communicatie, als om de wil om te communiceren. En die wil is oneindig in China. Handen, voeten, vertaalapps, plaatjes, schrift en gebaren worden ingezet, alles om maar te proberen jou verder te helpen. Een gemeenschappelijke taal is maar één ding, een gemeenschappelijke wil is veel belangrijker. And that's why. China, I can't say I have not been afraid of you, but you have definitely been one big dream coming true!



Lieve vrienden, familie, collega's en alle anderen die mijn avonturen de afgelopen maanden hebben gevolgd, voor alle duidelijkheid: morgen ben ik dan terug. Morgenochtend landt mijn vlucht in Amsterdam en gaat het normale leven voor mij weer beginnen. Ik heb enorm genoten van het schrijven van dit blog en het ordenen van mijn gedachten via deze weg. Maar nog veel meer heb ik genoten van jullie lieve reacties op welke manier dan ook, jullie interesse en alle steun die ik heb ontvangen de afgelopen maanden. De komende weken nog even vrij en natuurlijk ga ik proberen met jullie allemaal persoonlijk lekker bij te kletsen, maar nu alvast via deze weg heel erg bedankt. Zonder jullie waren de afgelopen vijf maanden heel anders geweest..

Reacties

Reacties

Nienke

Lieve Meike,

Hoeveel er ook veranderd is je blijft voor altijd onze dochter. En morgen begint een nieuwe reis naar de toekomst! xx mam

Casper

Ik vond Cambodja toch echt het meest bijzonder ;)

{{ reactie.poster_name }}

Reageer

Laat een reactie achter!

De volgende fout is opgetreden
  • {{ error }}
{{ reactieForm.errorMessage }}
Je reactie is opgeslagen!

Deze reis is mede mogelijk gemaakt door:

Travel Active