Voluntary Travelling

Adam's Peak: een pelgrimstocht naar niks en alles

Donderdagochtend, mijn op twee-na-laatste dag en nog één ding over op mijn what-to-do-in-Sri-Lanka-bucketlist. En dus in de ochtend alweer in de bus naar Hatton. In Hatton moet ik overstappen en zoals gewoonlijk stromen er een aantal locals toe om me daarbij te helpen. "Where you need to go, madame?" Het is de bescheidenheid van de mensen hier, want ze weten eigenlijk dondersgoed waar ik heen moet. Ze zullen je alleen nooit zomaar op een bus zetten zonder je er eerst naar te vragen. Feit is dat Hatton niet echt the place to be is, dus dat het door blanken echt alleen gebruikt zal worden als overstapstation voor de richting Delhousie. Mijn antwoord leidt dan ook niet echt tot verbaaste blikken en de heren hebben natuurlijk allang uitgevonden waar die bus staat, waardoor ik weer zonder problemen verder kom. Het is eigenlijk beschamend hoe elke toerist hier dezelfde route aflegt, zelfs al zijn het er nog niet zoveel. Ik herinner me nog goed het moment dat ik in Udawalawe antwoordde dat ik vanuit het zuiden daar naartoe was gekomen. "Oh, dus dan reis je morgen door naar Ella." Niet eens een vraagteken, gewoon een punt. Eh... ja, dat klopte. In de bussen zelf ben ik er inmiddels maar een grapje van gaan maken. Als de busjongen langskomt en beleefd vraagt waar ik heen wil is hij mijn antwoord meestal al aan het invoeren voor ik dat antwoord daadwerkelijk heb gegeven. Onopvallend wel, maar ik weet dat ze het doen. Dus beantwoord ik de vraag tegenwoordig vaak met een "Where do you think I need to go?" De meesten zullen dan even van kleur verschieten, maar geven je vervolgens het ticket aan dat je inderdaad had willen hebben.  Ik doe nog altijd alsof ik het check en complimenteer ze dan met hun keuze. "Yes, that's where I wanted to go, like any other tourist probably." Ze zullen het nooit bevestigen, maar ja die glimlach zegt genoeg.

Aankomst in Delhousie, een plek die letterlijk niet zou bestaan als Adam niet besloten had precies daar zijn eerste voet op aarde te zetten toen hij vanuit de hemel naar beneden kwam. Maar natuurlijk kon hij dat niet op een makkelijk bereikbare plek doen, dus ligt het pelgrimsdoel op de drie-na-hoogste berg van Sri Lanka en zijn een ruime 5200 traptreden nodig om de plek te bereiken. Veel meer anders dan een paar slaapplaatsen en een straat met stalletjes met water, repen en bedevaartsaandenken is er dan ook niet. Ja, heuvels met thee natuurlijk wel. Zoals verwacht stapt er gelukkig gelijk iemand op me af met de vraag of ik nog een slaapplek zoek. Mja die had ik inderdaad nog niet, want via booking.com leek alles belachelijk duur en ik weet dat je vaak wel een goed aanbod krijgt bij aankomst. Mijn tactiek van afdingen is niet echt een taktiek, ik wil gewoon zo min mogelijk geld besteden, dus als een aanbod te hoog is zeg ik dat gelijk. Wat er dan gebeurd is dat de locals zelf tegen hun eigen prijzen af gaan dingen. Zolang je bedenkelijk blijft kijken, blijft de prijs kelderen, zonder dat je zelf al een ondergrens instelt die toch altijd omhoog gehaald wordt. Grappige is dat ik bij het hostel terechtkom dat ik geboekt zou hebben als ik niks anders had kunnen vinden, want nog een redelijke prijs en op 100 meter van de start van de tocht. Alleen nu heb ik het voor vier euro minder dan het op booking.com staat. Moet ik misschien vaker doen.

Zoals gezegd is in het dorpje niet echt veel te doen en dus loop ik er gewoon wat doorheen, tot er zo'n harde stortbui losbarst, dat de eerste van de 5200 treden in een waterval veranderen en de kraampjes allemaal hun zeilen moeten sluiten om nog iets van hun waar over te houden. Wat nu valt, valt vannacht niet, hou ik mezelf voor, maar het is wel een eindeloos durend spectakel dus ik moet het nog maar zien. Altijd gedacht dat een tropische regenbui kort maar krachtig was, maar deze houdt uren aan. Een indrukwekkend onweer komt er nog bij, dat ook minstens een uur duurt. Tegelijk wordt het donker en begint de sfeer in het dorp echt om te slaan. Het is een soort sfeer van gezonde spanning, voorbereiding en niet goed weten wat te verwachten en hij raakt mij ook. Typisch is het ook dat als ik om half zes een stoeltje aanschuif aan één van de vier tafels op het balkon, ik van meneer de eigenaar de opmerking "Late, madame" krijg toegeslingerd. Ik lach hem toe "Ja, een korte nacht wordt het toch wel." en kom er pas veel later achter dat hij ondanks zijn stralende lach als antwoord nooit verstaan kan hebben wat ik zei. Zijn Engels lijkt beperkt tot "Late, madame" en "You are from?" maar zelfs het antwoord op die vraag kan hij niet verstaan. "I don't know, Américain, Indien, I know." Hm z'n Frans is dan waarschijnlijk beter dan z'n Engels, maar het zal aan mij liggen... Op zich misschien niet zo gek, realiseer ik me tegelijk. Dit is by far het armste deel van Sri Lanka dat ik heb gezien: alle huizen zijn niet meer dan een krot, heel ander werk dan op de theevelden zal er niet zijn en ik weet ondertussen dat dat niet al te best verdiend en de meeste winkeltjes worden bemand door jongetjes van een jaar of 8-12. Veel onderwijs zullen ze dus wel niet krijgen...

Uiteindelijk lukt het me rond half tien in slaap te vallen, wat niks wegneemt van het feit dat een wekker die om twee uur afgaat niet echt als een welkome afwisseling komt. T-shirt aan, tas met drie extra lagen kleding op en gaan. Natuurlijk is het by far te koud om in een t-shirt het donker in te stappen, ik sliep net nog in een trui en broek onder iets wat je een deken zou kunnen noemen. In ieder geval regent het niet meer en na een trede of wat heb je het ook echt niet meer koud. Starten zonder een gebed dat voor je wordt uitgesproken en een wit armbandje dat wordt omgeknoopt is niet mogelijk en dus begin ik gezegend aan mijn tocht omhoog.

Ik weet niet echt wat ik hier voor mezelf van verwacht had en ik weet ook niet echt waarom ik dit wilde doen, maar de stilte waarin iedereen langs het sfeervol aangelichte pad omhoog klimt heeft iets magisch. Heel af en toe wordt de stilte onderbroken door een kraampje dat al open is en waar gebedsmuziek wordt afgespeeld, maar dat is alles. Een aantal locals komt alweer naar beneden: oude vrouwtjes van zeker in de zeventig worden aan twee kanten ondersteund, kinderen van nog geen twee jaar oud worden op de rug gedragen, de iets oudere verbijten hun vermoeidheid en strompelen op blote voeten de veel te hoge treden af. Ik ben nog geen half uur onderweg als vier mannen naar beneden komen met tussen hen in een in elkaar geknutselde brancard van wit doek. Op de brancard een oude man die duidelijk niet lang meer te leven heeft, ze hebben hem voor de laatste keer naar boven gebracht. Zo mogelijk wordt het nog stiller dan het al was. Wat is dit voor plek, wat doe ik hier en hoeveel moet dit voor deze mensen betekenen?

Waar ik had verwacht dat de eindeloze rij traptreden ervoor zouden zorgen dat je gedachten de vrije loop zouden nemen, blijkt het tegenovergestelde waar. Ik heb altijd tegen iedereen gezegd dat het voor mij niet mogelijk zou zijn om geen gedachten te hebben, maar dat is simpelweg niet waar. Af en toe schieten er twee regels van willekeurige songteksten door mijn hoofd, maar verder dan een eindeloze herhaling van die twee regels kom ik niet. Op andere momenten merk ik dat ik de treden begin te tellen, maar steeds tot acht en dan begint het weer op nieuw. In mijn hoofd schrijf ik ook delen van dit blog, maar niks daarvan zal in dit verhaal terug te vinden zijn omdat ik gewoon niet meer weet waar ik aan dacht en welke bewoording ik daarvoor had verzonnen. Het doel, de top, vervaagt binnen tien minuten, niet dat ik die niet zal bereiken, niet dat dat niet de reden is dat ik al die fucking tredes op klim, maar het zit gewoon niet meer in je hoofd. Het gaat niet verder dan het inschatten van de hoogte van de volgende stap, niet eens de volgende tien stappen, nee enkel en alleen de komende stap. En dan nog gaat het weleens mis, schat je het verkeerd in en maak je een vallende beweging, waarbij je vaak net op tijd weer scherp genoeg bent om een echte val te voorkomen. Is het vermoeidheid? Het monotone? Droom je gewoon weg? Ik weet het niet meer. Ik herinner me wel het moment dat iemand me aanspreekt. "This is the last tea stop before the top, madame, take a rest, sunrise wil only be in two hours." Hoe heerlijk die rust ook klinkt, ik wil door. Als ik nu ga zitten weet ik niet of die laatste 200 steile meters me nog gaan lukken. Nu al moet ik steeds vaker even rusten, mijn keel brandt, mijn benen zijn zwaar en ik zou willen zeggen dat ik geen gevoel meer in mijn knieën had, maar het tegenovergestelde is waar. Dit heeft niks meer met conditie te maken, overal om me heen stoppen mensen om de tien treden even om weer op te laden. Dat iedereen het zwaar heeft, maakt deze tocht ook wel extra mooi. Conversaties van mij (het lijkt wel of ik de enige buitenlander ben die alleen loopt) met de locals gaan niet verder dan een "Good morning!" en een "Good luck!" Nooit meer de vraag waar ik vandaan kom, of the second most important question "Do you have a boyfriend?" Het feit dat niemand meer zegt dan dat geeft rust, de energie van het beantwoorden van dat soort vragen kan op elke andere manier goed besteed worden.

Het mooiste moment van de dag, ik ben de enige toerist die op dit stuk omhoog loopt en moet weer even stilstaan. Een oude vrouw is bezig met de afdaling en kijkt me een moment aan. "Come on! Come on! Come on!" Het is waarschijnlijk het enige Engels dat ze beheerst, maar elke keer dat ze het herhaalt komt het overtuigender over. Haar hele familie neemt de woorden over en zo word ik zeker twintig treden omhoog gestuwd.

De top is in zicht. Wat aarzelende meisjesstemmen achter mij beginnen te zingen. Ik ken de woorden niet, maar ik herken het gezang wel, het is een gebed dat wordt opgezegd. De jongens die met hen meelopen vallen in en ik kan niks anders doen dan weer even stil staan. Schoenen uit, de laatste treden op. Ik loop door de kleine tempel waar Adam's voetafdruk zou moeten zijn. Als verdoofd. Dan laat ik me door de stroom om het gebouw heen voeren en geef een ruk aan de bel die daar hangt. Eén heldere klank, de eerste keer volbracht. Op de traptreden zoek ik een plekje om te zitten, elke tree is beladen met mensen, schuilend onder dekens, aluminiumfolie en verpakt in dikke truien. Dit is het moment waarop je spieren het echt zwaar te verduren gaan krijgen. Waar je de hele weg naar de top het zweet over je rug hebt voelen lopen, blaast hier een frisse wind en is de temperatuur niet veel hoger dan een graad of vijftien. Rillend trek ik mijn drie lagen over mijn natte kleding aan en kruip ik zover mogelijk in elkaar. Nog anderhalf uur...

Opeens komt er beweging in de massa. Iedereen gaat staan, de zon komt eraan! Een vage oranje band, net boven de bergen, die langzaam steeds roder wordt, groter wordt en uiteindelijk goud kleurt. Voor de hoeveelheid mensen met wie we hier staan is het doodstil. Kippenvel als de zon zich in een uur langzaam boven de bergen uittorent en de hele omgeving in een gouden gloed zet. Voor het eerst uitzicht op de bergen om ons heen, de meren, de mist die erover rolt... Elk detail zou ik nog letterlijk voor me kunnen halen en ik weet zeker dat je een moment als dit niet vaak mee zult maken.

De weg naar beneden is een verschrikking, het uitzicht is op elk moment fantastisch maar je spieren zijn natuurlijk veel te snel afgekoeld, terwijl je ze juist zo erg nodig hebt om die treden weer af te komen. Het is gek dat je geen enkel aanknopingspunt hebt onderweg naar beneden, omdat je op de heenweg niks hebt gezien. En natuurlijk duurt het voor je gevoel eindeloos veel langer dan zou moeten.

Van alle mensen die wisten dat ik hiermee bezig was heb ik na afloop de vraag gehad: bijna 11.000 traptreden, was het het waard? Iedereen heb ik geantwoord met een aantal foto's van de zonsopkomst en het uitzicht. Maar dat is niet hetgene dat het waard maakt om omhoog te gaan, let's be honest. Voor een uitzicht en een mooie zonsopkomst hoef je niet per se zo gek te zijn om 5200 traptredes op te klimmen. Het zijn de mensen, het is de sfeer. Sri Lanka heeft een lange, ingewikkelde geschiedenis achter de rug, maar hier lopen Tamil en Sinhalese gezamenlijk die berg op, helpen elkaar, zingen, slapen samen onder een deken op de top. Zou ik het ooit nog een keer doen? Nee, zeker weten van niet, maar Sri Pada/Adam's Peak wat heb je me een bizarre ochtend bezorgd.

Reacties

Reacties

Casper

Een van de weinig dingen die ik niet graag mee had gedaan, die trap lijkt me wat te veel van het goede. Einde van avontuur 1 op Sri Lanka, op naar Laos. Ik mis je!

Oma

Wat een indrukwekkend verhaal! Dit vergeet je nooit weer. Het is pure mystiek.
Als ik onder een prachtige sterrenhemel sta in het duin voel ik iets dat daar misschien op lijkt. Maar ik hoef er lang niet zoveel voor te doen. Fijn om zo met je mee te leven. Veel liefs,
Oma

Carlijn

Wauw wat een prachtig verhaal, ik was halverwege vanochtend en toen miste ik nog bijna de trein.. nu nog even aflezen maar wauw Meikie!! Zoo leuk om te lezen :) Ik mis je (ook) en Terschelling zal jou ook missen komend weekend!! Ik zal de groetjes doen aan 'ons' eilandje! Veel liefs xxx

Veerle

Ik heb vandaag de Martinitoren beklommen! Waren ook bijna 300 treden...💪

{{ reactie.poster_name }}

Reageer

Laat een reactie achter!

De volgende fout is opgetreden
  • {{ error }}
{{ reactieForm.errorMessage }}
Je reactie is opgeslagen!

Deze reis is mede mogelijk gemaakt door:

Travel Active